De Ardennes Trophy op Pinkstermaandag in La Reid is wat mij betreft één van de mooiste Ardennen marathons. 87 kilometer, 2400 hoogtemeters, 20 zware klimmen en behoorlijk technisch. Maar veel beter rijdbaar dan bijvoorbeeld de Cimes de Waimes. De meeste passages zijn goed te fietsen en er zijn ook veel minder wortelpaden.
Voor dit weekend had Lieke een Bed & Breakfast in La Reid besproken. Op zondag hebben we samen alvast de groene route van Theux gereden. Dat is een niet te moeilijke route van ca 20 km, op een paar plekken gaat deze over de route van de marathon. Zondagavond zijn we naar het finishterrein op een paar kilometer buiten La Reid gegaan. Aangemeld, startbordje opgehaald en nog even een lekkere Chouffe gedronken.
Maandagochtend, de dag van de wedstrijd, op tijd opgestaan. Net als altijd ontbeten met een schaaltje joghurt en muesli. Daarna de fietskleding aangetrokken en de spullen gepakt. Vanuit het Bed & Breakfast kon ik zo het startvak instappen. Ideaal! Met nummer 210 stond ik in het eerste startvak, waardoor we waarschijnlijk weinig last van opstoppingen zouden hebben. In het startvak weer een paar bekenden gesproken: Wilco Verwegen was er weer, maar ook Mark en Ruben van der Zanden. Mark en Ruben zijn hard aan het trainen voor de Transalp.
Meteen op de eerste klim kwam ik erachter dat de achterderailleur niet helemaal lekker werkte. De ketting schoot over het grootste kransje. De rest van de dag moest ik het dus zonder grootste kransje doen. De zware klimmen moesten dus op de 28 ipv op de 32! Rustig van start gegaan, want ik wist van vorig jaar dat het een pittige marathon is. Ik pak lekker het tempo op en neem niet al teveel risico in de afdalingen. Toch kom ik bij de meesten fietsend beneden. Ook is het heerlijk om door al die riviertjes heen te raggen.
Na een kilometer of 5 komt Bas van Dooren al voorbij, hij heeft er zin in want het tenue van MC Oss verdwijnt al snel uit beeld. Bas zou als 18e finishen. Na ruim 40 kilometer zijn we halverwege en hebben we er al 10 beklimmingen op zitten. Nu begint het echt. De benen beginnen pijn te doen, want de zware klimmen zou je het liefst op de 32 doen. Het is niet anders en het enige wat ik kan doen is doorbijten. Onderweg gaat ook nog m’n zadeltasje open en ik verlies m’n multitooltje en de bandenlichters.
Na ongeveer 60 kilometer gaat het bijna fout. Het eerste deel van de steile afdaling gaat goed, daarna gaat het een metertje steil omhoog en weer opnieuw een stijle afdaling in. M’n achterwiel wipt op, ik ga over het stuur en land 3 meter lager op de zachte bosgrond. Ik heb mezelf niet al te veel pijn gedaan en ook de fiets heeft niets geleden. Ik kan weer verder. Het einde komt langzaam in zicht. Na 80 kilometer komen we aan de voet van de voorlaatste beklimming: 2,5 kilometer lang omhoog. Op het korte stukje vlak wat dan volgt rij ik Rob van Nistelrooy voorbij. Hij was bijna aan het einde van zijn latijn en van de 65 kilometer. Nu nog 1 klim van weer 2,5 kilometer en het bord van de laatste kilometer komt in beeld. Ook die kom ik weer fietsend boven. De laatste 10 kilometer heb ik het tempo er nog flink ingehouden, op het tandvlees draai ik het finishterrein op. Na 5 uur en 22 minuten kom ik als 232e, van 744 deelnemers, over de finish. Dit was toch wel de zwaarste eendaagse marathon die ik dit jaar gereden heb. De voldoening kwam dan ook pas na de finish.
Naar resulaat