• 05Aug

    Naast mooie verhalen heeft onze deelname aan de Transalp ook hele mooie foto’s opgeleverd. Ga snel naar het fotoalbum of klik op de links om de foto’s te bekijken.

    Foto’s Sportograf.com

    Foto’s Jan van Oort

  • 26Jul

    Inmiddels zijn we weer thuis in het natte Nederland. Zondagochtend hebben we heerlijk uitgeslapen in Riva del Garda. Daarna het oude centrum van Riva nog in geweest om verse broodjes voor het ontbijt te halen. Toch een stuk anders wakker worden dan de dagen ervoor. Na het onbijt zijn we om 11 uur naar Nederland vertrokken. We lieten Italië en de mediterrane hitte achter ons en reden via Oostenrijk en Duitsland in een keer door naar huis. Vannacht om 3 uur zijn we thuisgekomen.

    De Transalp 2010 was er één van tegenstellingen. De euforie van het finishen en de minuut stilte vanwege het overlijden van Heinrich Schmieder. De goed georganiseerde wedstrijd, maar een organisatie die daaromheen de nodige steken liet vallen. Hitte in de eerste dagen en de kou en vochtigheid van Madonna di Campiglio.

    Voor Erwin is dit waarschijnlijk zijn eerste en zijn laatste Transalp. Hij is simpelweg niet in de wieg gelegd voor de kilometerslange klimmen. Joris is echt gemaakt om te klimmen en wil de Transalp misschien nog wel vaker rijden. Erwin is wel een rijder met veel techniek, hij neemt de steile, technische afdalingen met veel gemak. Op dat vlak heeft Joris deze week veel bijgeleerd, maar kan niet tippen aan Erwin. Op het vlakke kunnen we allebei veel snelheid maken, Erwin heeft een hele hoge basissnelheid en Joris heeft het uithoudingsvermogen om tot tegen het einde van de etappe hard te rijden. Allebei waren we goed in de snelle afdalingen, ook die met veel losse schotter en wat grotere stenen. Het viel ons op hoe slecht veel deelnemers uit de Alpenlanden in dat soort afdalingen zijn. We hebben echt genoten van de etappes, de tracks en de schitterende omgeving. Erwin heeft het meeste karakter getoond door stug door te gaan in de klimmen, hij heeft daardoor een veel zwaardere week gehad dan Joris.

    De organisatie is ons echt tegengevallen. We hebben 100 euro moeten betalen omdat we een camper bij hadden, daar kregen we een sticker en een routeboekje voor. Een flink deel betaalt die 100 euro al niet, maar maakt toch gebruik van dezelfde, matige, voorzieningen. In veel etappeplaatsen was er niks geregeld voor campers en werd men letterlijk overvallen door de grote hoeveelheid campers. Of de camperparkeerplaatsen waren ver van de start/finish verwijdert. In Imst moesten we zelfs 45 euro betalen om te kunnen overnachten.
    Dieptepunt was Madonna di Campiglio, nadat we verkleumd waren binnengekomen hebben we bijna 1,5 uur gezocht naar de camperparkeerplaats: zelfs de organisatie stuurde ons helemaal de verkeerde kant uit. Niemand wist te vertellen waar de campers stonden. Het minste wat we verwacht hadden voor die 100 euro waren georganiseerde camperparkeerplaatsen. Eventueel met een kleine vergoeding voor electriciteit, stromend water en een voorziening om chemische toiletten te legen. Een shuttle om de mensen naar de pasta party te brengen, als de officiële camperparkeerplaats op 5 km van de pasta party vandaan was ontbrak.
    Ook viel op hoe knullig de bikewash geregeld was: veel te weinig water en wachtrijen van een uur. Plan B kan echt een voorbeeld nemen aan de organisatie van de Cape Epic.

    We kunnen het iedereen aanraden het anders aan te pakken: regel zelf overnachtingen in pensions en hotels en neem iemand met een volgauto of busje mee. Daar kunnen alle spullen in die nodig zijn voor onderhoud van de fietsen en verzorging van jezelf. Ook heb je meteen vervoer als je weer eens ver van de pasta party moet overnachten.

    Toch hebben is het ervaring die we niet hadden willen missen. De ouders van Joris waren onze steun en toeverlaat en hebben ons veel zorgen uit handen genomen. Ook was het leuk optrekken met andere teams, in het bijzonder met:

    • Kees Koek en John Bullen, Patrice Vercammen en Bianca Nijhof en verzorger Henry van ‘Van Otten Marathon Racing Team’
    • Jur Manneveld en Hans Leek van ‘Onvya’
    • Sven Platschorre en Wolt Weterings van ‘Beer Team’
    • Steve Gordon en Robert Koppenhol van ‘Dorset Rough Riders’

    Welke etappewedstrijd wordt de volgende?

  • 24Jul

    Het noodweer in de laatste 20 kilometer had zijn sporen nagelaten. Het was ‘s ochtends nog steeds erg koud, hooguit 10 graden. Zelf waren we ook nog een beetje stram en we hadden de avond van te voren ook nog niet alle spullen voor de etappe klaargelegd. Dat moest dus ook nog even gebeuren. Voor de zekerheid na het ontbijt toch nog snel de remblokjes vervangen, de modder had de dikte van de remvoeringen meer dan gehalveerd. In de afdaling naar de start, konden die nog mooi even ingeremd worden, maar wat was het koud! We zaten te blauwbekken op de fiets. Beneden in het dorp hebben we de fietsen snel in het startvak gezet en zijn we ons gaan warmen. Het zonnetje kwam net boven de bergtoppen uit en we hingen met veel deelnemers tegen een muur om de eerste zonnestralen te absorberen. We leken wel een hele kolonie leguanen.

    De eerste 13 km van de etappe gingen bergaf, met een aantal listige stukken en haarspelden. Uli Stanciu, de wedstrijdleider vond het niet verantwoord om het veld zomaar in die afdaling los te laten. Daarom zijn we geneutraliseerd gestart, desondanks werd er in het peleton stevig afgedaald. Na 13 km begonnen we aan de beklimming van de laatste col van deze transalp, de Passo Bregn da l’Ors. “Bregn da l’Ors” is Zuidtirols dialect en betekent: “Bron van de beer.” In dit gebied leven nog een 35-tal bruine beren in het wild. Tijdens de klim en de aanloop daar naartoe kregen we prachtige uitzichten over de rotsmassieven van de Dolomiti di Brenta voorgeschoteld.

    De beklimming ging bijna vanaf het begin over schotter. De enigszins chaotische voorbereiding op de etappe brak ons nu op: Erwin had zijn medicijn tegen astma vergeten in te nemen. Dat ging ten koste van het klimtempo. Joris liet Erwin in zijn eigen tempo omhoog rijden en heeft zichzelf nog een beetje getest: “Klimmen ging vandaag heerlijk, ik voelde me goed. Tijdens de klim was ik één van de snelleren in dit deel van het veld. Ik hoefde zelfs niet van de fiets af op de steile stukken waar bijna iedereen liep. Alleen de technische passage op het einde was net iets teveel. Toch kwam ik daar nog halverwege.” Op CP1 (25 km) en op de top (35 km) heeft Joris natuurlijk wel op Erwin gewacht, want we gingen deze Transalp samen uitrijden.

    De afdaling was er weer een hele snelle. De eerste 10 km gingen over een losse schotterweg met flink wat haarspelden. De snelheid zat er goed in. Waar de wat mindere dalers in de remmen hingen, stonden wij vol op de pedalen. We hadden het weer druk met het zoeken van alternatieve lijnen om veilig om andere deelnemers heen te gaan. De laatste 7 km van de afdaling ging over asfalt, met een vloeiende bochtentechniek waren we snel beneden. Na een stuk vals plat, kregen we na Stenico nog een steile, zanderige afdaling met scherpe haarspelden. Ook dat was geen probleem.

    Na Ponte Pia begonnen we aan het laatste klimmetje van de Transalp 2010. We kwamen weer samen met Jur Manneveld en Hans Leek te rijden, deze twee Noord-Hollanders hebben we bijna iedere dag wel gezien. Joris had de betere benen en ging kopwerk doen met Jur, Hans en Erwin in zijn wiel. We kregen nog een handvol teams meer achter ons aan. Dat voelde goed om op de grote plaat die flauwe klimmen op te beuken. Ook Erwin begon kon lekker mee omhoog. De laatste 8 km werden steeds steiler, eerst over schotter, daarna over een pad. De laatste km hebben we de fiets weer moeten duwen. Eenmaal boven kregen we het toetje van de Transalp 2010: Gardatrail s409. Een zeer technische afdaling, die we helaas door de drukte gedeeltelijk hebben moeten lopen. Maar de stukken dat we op de fiets konden blijven waren heftig!

    Na de trail daalden we nog een stukje verder via een schotterpad tussen de boomgaarden. De laatste 5 km waren weer vals plat, we hoefden de fietsen alleen nog maar ‘thuis’ te brengen. Nog even aanzetten door straten van Riva en dan via een park aan de oevers van het Lago del Garda naar de finish bij het Palazzo Congressi. Het zat erop, we hadden het gehaald! De etappe finishten we als 170e in 4:22.50. In het klassement zijn we als 153e geëindigd.

    ‘s Avonds volgde de laatste pasta party, waar we het officiële ‘finisher shirt’ kregen uitgereikt.

    Etappe: 170e heren (4:22.50)
    Klassement: 153e heren / 272e algemeen (42:08.26)

  • 23Jul

    Het werd weer een gedenkwaardige Transalp etappe. Bij de start was het al meteen drukkend warm, de eerste klim ging over het asfalt omhoog. Erwin vond meteen een lekker tempo, hij heeft vanaf het begin van deze Transalp al hetzelfde klimtempo. De meeste anderen zijn alleen maar langzamer gaan klimmen, de vermoeidheid begint bij velen hun tol te eisen. Bovenaan draaiden we een pad op om aan te sluiten in de file. Op dat deel was het pad nog goed te fietsen, maar de opstopping werd veroorzaakt door een paar zeer steile wandelklimmen. Toen iedereen ‘ingevoegd’ was konden we weer verder fietsen. Het was een best aardig wandelpad, waar we weer lekker konden sturen. In de afdaling terug naar het dal zaten weer een enkele listige afdalingen. Waar ook de medics weer de nodige pleisters moesten plakken. Terug in het dal namen we hetzelfde fietspad terug omhoog richting CP1 op 15 km. CP1 van vandaag was op dezelfde plek als CP2 gisteren. Op het einde van het dal gingen we linksaf, gisteren kwamen we daar vanaf de andere kant.

    Na Ossana hadden we nog een klein stukje asfaltklim, daar stonden Kees en Joyce (vrienden van Joris) ons aan te moedigen. Het asfalt ging over in een lange schotterklim, welke op stukken weer zeer steil was. De klimstukken werden afgewisseld door korte afdalingen over single track, waar de techniek weer aangesproken moest worden. Voor ons ging nog een Engelsman over de kop, omdat een drop iets dieper was dan hij had verwacht. De laatste 1,5 kilometer van de klim was weer pittig. Boven de 2000 meter begon het steeds harder te regenen, langzaam werd het ook kouder. Stukjes moeten lopen, maar op karakter naar boven gefietst. Joris deed nog even zijn best om tussen de wandelaars naar boven te fietsen: “Ben ik halverwege, ruimt die cameraman zijn spullen op. Toen toch maar doorgetrapt naar boven.”

    Eenmaal boven stopte het met hard regen. Er brak een compleet noodweer los, met stortregens, onweer en ook nog hagel. De schotterafdaling veranderde binnen een mum van tijd in een rivier. Binnen 200 meter hadden onze fietsen en wijzelf dezelfde kleur als de ondergrond. De 5 km die volgden hebben we redelijk voorzichtig gedaald, omdat onder het stromende water nauwelijks te zien was waar we reden. Na een kilometertje over de weg reden we de Hoge Venen in. Als we niet in Ponte di Legno gestart waren, hadden we gedacht in de Ardennen terecht waren gekomen. Het begon met een modderige klim, waar Kees en Joyce ons naar boven schreeuwden. Daarna volgde een stuk door een moeras, zoals we alleen kennen van Raid des Hautes Fagnes. “Een dag niet in de modder is een dag niet geleefd,” dus we bleven zoveel mogelijk fietsen. Op stukken waar dat echt niet kon, hebben we moeten lopen. Je zakte meteen tot over je enkels in de modder.

    Maar ook aan dit stuk kwam weer een einde en er volgden een paar modderige wortelafdalingen. We konden met veel vertrouwen naar beneden, geen moment het gevoel gehad als passagier op de fiets te zitten. Madonna di Campiglio kwam in zicht, nog een klein stukje doorbijten en we waren over de finish. We zijn zoals verwacht wat verder naar achteren gefinished dan voorgaande dagen, omdat er geen stukken waren we tijd goed konden maken op de teams om ons heen. We zijn nog maar een dag verwijderd van Riva del Garda, dus de 166e plek in 4:31.07 is prima.

    Onze keuze voor de Vredestein Black Panthers bleek een prima keuze. Aan de voorzijde hebben we allebei een Black Panther Xtrac en aan de achterzijde een normale Black Panther gemonteerd. Omdat we de banden tubeless gemaakt hebben icm vloeibare latex, konden we met een lage bandenspanning rijden. Met een minimale kans op lekrijden. We hebben de hele week nog geen moment te weinig grip gehad, niet op droge stenige ondergrond, niet in de modder van vandaag. Ook in klimmen heeft de Black Panther achterband geen krimp gegeven en ons overal omhoog gebracht. Echt de perfecte bandencombinatie voor alle omstandigheden. Die goede eigenschappen gaan niet ten koste van de rolweerstand, want die is erg laag.

    Morgen volgt de laatste etappe van de Transalp 2010. Nog 64 km het kopje erbij houden. Er zitten nog een paar lelijke klimmen in, maar het grootste deel gaat bergaf. Het laatste stuk van Treni naar Varignano vergt nog het maximale van de concentratie, we dalen daar af over een pittige Garda-trail. De laatste 5 kilometer kunnen we uitrollen

    Etappe: 166e heren (4:31.07)
    Klassement: 151e heren / 270e algemeen (37:45.35)

  • 22Jul

    Deze ochtend waren we redelijk goed hersteld van de monsteretappe van gisteren. De dagen beginnen te tellen, maar vandaag hoefden we slechts 72 km te fietsen. Na gisteren stonden we 154e in het herenklassement. De dag begon met de beklimming van de Passo del Tonale. Eerst over asfalt, daarna grotendeels over stenige paden. Erwin heeft zijn verstand weer uitgezet en is als een diesel omhoog gereden. Onderweg konden we genieten van een schitterend uitzicht over de vallei . Het pad slingerde zich steeds verder omhoog naar 2300 meter. Soms dacht je dat je boven was, maar dan draaide het pad en volgden er weer een paar haarspelden. De klim was weer taai en op sommige stukken was balanceren over de stenen. Na 18 km waren we boven, we hadden precies 2 uur en 13 minuten geklommen. Eenmaal boven bleven we bijna 5 km op dezelfde hoogte. Een heel smal pad slingerde langs een steile helling. Joris had het er helemaal niet op: er kwam toch wat hoogtevrees de kop opsteken. Rustig aan gedaan en toen het pad wat breder werd konden we weer wat harder door.

    Het pad ging over in een wandelpad, wat zich door het bos slingerde. Met hier en daar drops van bijna een meter. Toch erg gaaf om hier met de mountainbike naar beneden te gaan. De omgeving was nog steeds prachtig en we waren dan ook snel op 35 km bij CP1. Bidons gevuld, magen gevuld en weer verder. Er volgde nog een bijna 4 km lange klim, met weer een paar erg steile stukken. De meeste stukken kwamen we fietsend boven. Daarna volgde een lange schotterafdaling met het nodige stuurwerk. Enorm veel stof maakte het er niet gemakkelijker op. Na nog een stuk asfalt gingen we de glooiende shotterweg op richting CP2 op 55 km.

    Vanaf CP2 ging het over een glooiend pad verder. In de korte afdalingen konden we veel snelheid meepakken om de korte klimmen op het grote blad boven de komen. De laatste 20 km gingen voornamelijk over asfalt. Via slingerende radwegen, maar ook een stuk over de provinciale weg. Bij Erwin was het beste er wel af, dus Joris ging op kop om het tempo omhoog te gooien. Vlak voor Malé kregen we nog een korte asfaltklim voor de kiezen. In de klim kwamen 2 teams bij ons. Op de laatste 6 km ging Joris weer op kop, Erwin en de andere teams volgden in het wiel. Twee Engelsen probeerden nog over te nemen,  maar het tempo lag toch te hoog. Met zijn zessen reden we Malé binnen, op de slotklim pakte Joris de kop. Helaas moest Erwin lossen, waardoor we het Oostenrijkse team voor ons moesten laten. Erwin kon de twee Engelsen nog wel voorblijven. We zijn vandaag als 154e gefinisht in 5:17.26.

    Morgen volgt de korte etappe naar Madonna di Campiglio. De route is maar 47 kilometer lang, maar toch heeft Uli Stanciu er ruim 2300 hoogtemeters in weten te stoppen. Het wordt dus veel klimmen en weinig afdalen. In de klim naar de Rifugia Orsa Bruno krijgen we al 1300 hoogtemeters voor de wielen. Daarna gaat het alleen nog maar bergaf naar Madonna di Campiglio.

    Etappe: 154e heren (5:17.26)
    Klassement: 152e heren / 270e algemeen (33:14.28)